Hoe waarborg je het welzijn van je paard?

Foto: Wollwerth Imagery

Als paardenhouder ben je verantwoordelijk voor het welzijn en de gezondheid van je paard. Wat kun je als eigenaar doen om de gezondheid zoveel mogelijk te waarborgen? Dit zit hem vooral in de preventie en een goede relatie met zorgverleners, zoals onder andere de dierenarts.


Wettelijke maatregelen en advies van dierenartsen bieden een kader voor de verzorging van je paard. Echter, de belangrijkste factor voor de gezondheid en het welzijn van je paard, is de zorg en het management dat jij als paardenhouder biedt.
Dit betekent dat je je bewust moet zijn van de welzijnsbehoeften en de gezondheidseisen van paarden. Daarnaast moet je in staat te zijn om in alle omstandigheden zorg te dragen voor het welzijn van je paard. Het spreekt voor zich dat je dus tijdig tekenen van nood of een slechte gezondheid moet kunnen herkennen en kennis moet hebben van elementaire eerste hulp. Maar de eerste stap voor een gezond paardenleven ligt in de preventie van aandoeningen, ziektes of mogelijke ongemakken.

 

Welke preventieve maatregelen zijn er?

  1. Vaccineer je paard tegen ziektes en zorg voor een doordacht ontwormingsplan in overleg met jouw erkende paardendierenarts. Deze dierenarts heeft een certificaat waarmee hij of zij bewijst dat hij zijn kennis bijhoudt en op de hoogte is van de ontwikkeling van de paardengeneeskunde.
  2. Zorg dat een erkende hoefsmid de hoeven van je paard behandelt en in overleg de beste hoefbehandeling toepast. Controleer daarnaast regelmatig de onderzijde van de voeten op voorwerpen die er niet in thuis horen.
  3. Laat een erkende gebitsverzorger minimaal eens per jaar het gebit van je paard controleren.
  4. Staat je paard in de wei, ga dan dagelijks langs om te controleren of hij verwondingen heeft en de beschikking heeft over voldoende voedsel en drinkwater.
  5. Neem maatregelen om insecten zoveel mogelijk te weren en te bestrijden. Zij kunnen ziektes meenemen.
  6. Houd bij introductie van nieuwe paarden altijd rekening met de risico’s van besmetting met ziekten. Neem preventieve maatregelen voor bijvoorbeeld huid- en worminfecties.
  7. Zorg voor voldoende hygiëne op stal: een schone stal trekt minder insecten aan, dus reinig regelmatig de voer- en drinkbak. Check ook de Parasietenwijzer
  8. Zorg voor een schone en droge stal en goede ventilatie.
  9. Maak de stallen een paar keer per jaar volledig schoon en desinfecteer oppervlakten waar mogelijk. Vergeet hierbij niet het gereedschap (zoals riek en poetsmaterialen)en lastig bereikbare plaatsen (zoals hoeken en mestputjes).
  10. Zorg dat het zadel en het overige harnachement goed passen en schakel minstens één keer per jaar een gekwalificeerde zadelpasser in.


Wanneer moet je contact opnemen met de dierenarts?
Neem altijd contact op met de dierenarts bij acute gezondheidsproblemen en als er tekenen zijn van veranderende gezondheid. Bijvoorbeeld:

  • acute buikpijn/koliek;
  • ernstig letsel met diepe wonden, ernstige bloedingen, een vermoeden van botbreuken en schade aan de ogen;
  • onvermogen om op te staan en/of te bewegen;
  • je paard zijn gewicht op één van zijn benen laat rusten;
  • ernstige diarree;
  • langdurig/abnormaal zweten;
  • hoge temperatuur (> 39,0 °C), angst, rusteloosheid, verlies van eetlust;
  • alle andere tekenen van acute pijn of letsel;
  • ademnood;
  • als je paard traant of knijpt met één of beide ogen

Als je paard zich vreemd gedraagt, neem ook dan contact op met de
dierenarts. Kenmerken van een 'zich anders gedragend paard' zijn: het wil niet
meer eten, krijgt plotseling bulten op zijn lichaam, krijgt dikke benen of
zwellingen, gaat kreupel of zwalkend lopen. De dierenarts zal de ernst van de situatie inschatten.

Zeker als bedrijf heb je er alle belang bij om ziekteverwekkers buiten de deur te houden. Neem daarom de volgende preventieve maatregelen:

  1. Houd groepen paarden zoveel mogelijk gelijk in samenstelling. Dit beperkt de onrust in de groep en de kans op besmetting met overdraagbare ziekten. Maak hierbij onderscheid tussen wedstrijdpaarden, fokpaarden en jonge paarden. Ook (recreatie)paarden die nooit van het terrein komen, kunnen een aparte groep vormen.
  2. Als de bedrijfssituatie het toelaat, houd nieuwkomers of paarden die met (mogelijk) besmette paarden in aanraking zijn gekomen, op stal drie weken in quarantaine: hiermee houd je greep op de infiltratie van besmettelijke ziekten in je bedrijf. Check twee keer daags de temperatuur van de geïsoleerde paarden, zodat je in geval van nood tijdig de dierenarts kunt bellen.
  3. Verplaats zo min mogelijk paarden tussen verschillende bedrijven bij een eventuele uitbraak van een ziekte. Beperk ook contact met toeleverende bedrijven.
  4. Licht je medewerkers voor bij een eventuele ziekte uitbraak en wijs hen op hun persoonlijke hygiëne (bijvoorbeeld handen wassen).
  5. Ent de paarden op stal jaarlijks in tegen droes (alleen risicobedrijven 4x per jaar), tetanus (minimaal 1x per 2 jaar), Equine Influenza (1 of 2x per jaar) en het Equine Herpes Virus (alleen risicobedrijven).
  6. Op wedstrijd is het belangrijk dat je paard geen rechtstreeks contact heeft met andere paarden. Laat hem niet aan soortgenoten snuffelen, gebruik een eigen wateremmer en voerbak.
  7. Zorg voor een plek waar mensen hun handen kunnen wassen en medicijnen opgeborgen zijn op een schone, droge plaats.
  8. Om in geval van nood eerste hulp te kunnen bieden, dient er een ‘Eerste Hulppakket’ aanwezig te zijn. Overleg – liefst voordat er zich een noodsituatie aandient - met je dierenarts over het gebruik van de thermometer, verbandmiddelen en desinfecteermateriaal.

Om je paard een zo natuurgetrouw mogelijk bestaan te geven en te beschermen tegen aantasting van zijn dierenwelzijn, zijn er verschillende adviezen opgesteld, zoals:

  • Zieke en/of kreupele paarden moeten zich lijfelijk kunnen afzonderen van andere paarden.
  • Jonge paarden mogen met maar mate worden belast, aangepast aan hun leeftijd.
  • Het wordt afgeraden om de tastharen van je paard volledig te verwijderen.
  • Ook wordt afgeraden de haren aan de binnenzijde van de oorschelp af te scheren, omdat deze de uitwendige gehoorgang beschermen.
  • Als je paard met bepaalde medicatie behandeld wordt, komt daarvan een aantekening in zijn paspoort.
  • Paarden (na 2004 geboren) met gecoupeerde staarten mogen in Nederland niet aan evenementen deelnemen, tenzij de staart om medische reden is gecoupeerd.
  • Paardenmarkten mogen alleen worden gehouden als dit gebeurt conform het protocol dat opgesteld is door de Koninklijke Nederlandse Maatschappij voor Diergeneeskunde (KNMvD), Groep Geneeskunde Paard (GGP), de Sectorraad Paarden (SRP) en de Dierenbescherming (DB).

 

Of je nu een paardenbedrijf runt of eigenaar van een pony in een pensionstal bent, preventie blijft altijd een essentieel onderdeel van de aanpak van besmettelijke paardenziekten en een waarborg voor de gezondheid. Gezondheidsbegeleiding van paarden vraagt om registratie van routinebehandelingen, zoals toediening van medicamenten, vaccinaties en ontwormingen. Vraag je dierenarts om hulp als je niet precies weet hoe dit aan te pakken. Let op: Veel medicijnen zijn gevaarlijk voor mensen, dus bij gebruik van die medicijnen bij je paard wordt het paard uitgesloten voor de slacht. Dit moet door de dierenarts centraal worden geregistreerd en in het paspoort.

Check je eigen paard regelmatig ook zelf eens van dichtbij. Een grondige poetsbeurt kan ineens wondjes, kale plekken, bobbels of andere opvallende dingen blootleggen. Niet ieder pukkeltje is direct een ramp, maar ook hier geldt: een klein probleem is makkelijker op te lossen dan een ernstige kwaal. Hanteer de volgende checklist bij de gezondheidsinspectie van je eigen paard:

  • Is je paard gezond? Dan liggen de haren mooi aangesloten en glanst zijn vacht.
  • Hoe loopt je paard buiten in de wei of tijdens het longeren? Let vooral op de benen, de rug en de hals. Loopt hij anders dan anders, dan kan dit duiden op een gezondheidsprobleem.
  • Is de ademhaling van je paard na inspanning snel weer rustig? Zo ja, dan ademt hij 8 tot 12 keer per minuut.
  • Heeft je paard pijn, is hij bang of opgewonden? Dan kan dit een verhoogde hartslag tot gevolg hebben. Check de hartslag van je paard bij zijn onderkaak. Aan de binnenkant van de kaaktak loopt een slagader over een harde ondergrond (het kaakbot) en kun je met je vingertoppen de hartslag voelen. De hartslag in rust is bij een gezond paard 28 tot 40 slagen per minuut.
  • Heeft jouw paard koorts? Check regelmatig zijn temperatuur met een thermometer in zijn billen. De normale lichaamstemperatuur van een paard is 37,4 tot 38 graden Celsius. Met een beetje vaseline kun je de thermometer makkelijker inbrengen.
  • Beginnende verdikkingen snel opsporen? Voel dan elke dag even langs de benen en rug van je paard om te controleren of er geen verdikkingen voelbaar zijn. Dit kan een aanwijzing zijn voor een beginnende blessure die makkelijk erger wordt als je gewoon blijft door rijden.
Bronnen: 

Hieronder zijn de bronnen te bekijken, indien auteursrechtelijk mogelijk, die voor dit artikel zijn gebruikt.