Noodzakelijk: richtlijnen bij individuele stalling

Een gesloten stal beantwoordt niet aan de natuurlijke behoeften van paarden, maar is vanwege medische overwegingen soms noodzakelijk. Zet je paard liever samen met of in de nabijheid van één of meer soortgenoten op stal. Zorg voor zoveel mogelijk ruimte en genoeg beweging. We geven je graag de belangrijkste richtlijnen mee.

De keuze voor huisvesting hangt onder meer af van de eigenschappen van het paard, sociale aspecten, beschikbare ruimte en de  bouwkosten. In de praktijk kan een keuze worden gemaakt tussen binnen- en buitenstallen. Onder individuele huisvesting rekent men (binnen- en buiten) boxen, met of zonder uitloopmogelijkheid en stands. Huisvesting op stal kan volstaan voor paarden die minimaal vier uur beweging per dag  krijgen in de vorm van vrije en/of gecontroleerde beweging (rijden, longeren, stapmolen). De bewegingsmogelijkheden voor een paard op stal zijn immers zeer beperkt. Vaak wordt gekozen voor binnenboxen, omdat de arbeidsomstandigheden voor de verzorgers dan meestal gunstiger

zijn. Daarnaast is het stalklimaat constanter. Doordat paarden echter een goede regeling van de lichaamstemperatuur hebben, kunnen ze zich prima verweren tegen de kou. Je kunt daarom ook kiezen voor huisvesting in open stallen. Een andere mogelijkheid is groepshuisvesting.

Natuurlijke behoeften

Er zijn verschillende richtlijnen opgesteld om het paard bij individuele huisvesting te voorzien van een noodzakelijk minimum aan natuurlijke behoeften.

  • Paarden die niet in een groephuisvesting staan, moeten dagelijks minimaal vier uur beweging krijgen buiten hun box. Een uitzondering hierop wordt alleen gemaakt in het geval van specifieke omstandigheden, wanneer een paard bijvoorbeeld ziek is.
  • Sociaal contact met andere paarden moet dagelijks mogelijk zijn. Paarden moeten elkaar sowieso kunnen zien, ook als ze eten of liggen. Beter is nog als ze elkaar kunnen besnuffelen of aanraken.

Een paard heeft graag goed zicht over zijn omgeving. Dit verrijkt zijn belevingswereld en zorgt ervoor dat hij gebeurtenissen beter kan inschatten.

De kans op het ontwikkelen van stereotiep gedrag (zoals weven of luchtzuigen) wordt kleiner als paarden de mogelijkheid hebben tot sociaal contact en zicht hebben op de omgeving aan alle kanten van de stal. Het is belangrijk dat het paard overweg kan met zijn buren. Zet waar mogelijk een luik open of vervang een dichte wand (deels) door tralies. Richt de boxen zo in dat het voer op de gang gegeven kan worden, dit geeft veel rust.

Bij tijdelijke stalling bijvoorbeeld tijdens concoursen, veilingen, keuringen en dergelijke, is soms alleen een opening aan één kant van de stal praktisch haalbaar.

In boxen kunnen paarden gemakkelijk individueel worden verzorgd. Een paard moet zich op stal echter vlot kunnen omdraaien, eenvoudig kunnen gaan liggen en weer opstaan. Uit onderzoek is gebleken dat paarden in grotere boxen vaker en langer liggen en ook meer rollen. Ook een comfortabele bodembedekking en een rustige omgeving spelen hierbij een belangrijke rol. 

Paardenboxen zijn om praktische redenen vaak vierkant, maar rechthoekige boxen voldoen

ook goed. Er zijn minimale afmetingen vastgesteld om het welzijn van onze paarden te waarborgen.

  • De boxoppervlakte voor individuele huisvesting is minimaal (2x stokmaat)2 voor pony’s kleiner dan 1.56 meter.
  • De boxoppervlakte is minimaal 10 m2 voor paarden groter dan 1.56 meter. Bestaande stallen die niet aan deze afmeting voldoen dienen uiterlijk 1 januari 2027 te zijn aangepast. Dit staat vermeld in de Gids voor Goede praktijken
  • Een kraambox vereist een groter oppervlak, met een voorkeur naar een afmeting van 4,5 x 3,0 m. Een merrie mag tijdens de bevalling niet tegen een wand gaan liggen. Omdat je dit nooit helemaal in de hand hebt, wordt vaak geadviseerd om de merrie buiten te laten bevallen.
  • Stands, waarin paarden vastgebonden staan, zijn sinds 1 januari 2017 verboden.
  • Hengstenboxen worden vaak aan het eind van een rij of enigszins geïsoleerd gesitueerd om stress voor zowel paarden als verzorgers te beperken.

 

 

 Soort

Box oppervlakte (m2)

Pony’s < 1,56 m

(2 x stokmaat (m))2

Paarden > 1,56 m

10

Hoogdrachtige merries voor veulenen

12

Merrie met veulen

12

 

 

Zorg voor een nette, afgewerkte box zodat je paard zich niet kan bezeren.

Sommige paarden reageren op het stof in de bodembedekking en krijgen daardoor last van hun longen. Kies je bodembedekker daarom zorgvuldig. Tarwestro, koolzaadstro, houtkrullen en vezelhennep zijn allemaal geschikt om de vloer van de stal mee te bedekken. Tarwestro biedt naast een droge, schone en comfortabele ligplaats, ook de mogelijkheid om te kauwen. Het veelvuldig eten van stro of vlas kan koliek veroorzaken. Paarden met gevoelige luchtwegen staan het beste op papier of stofvrije houtkrullen.

Bij de bouw en inrichting van een stal moet je rekening houden met de anatomie van een paard.

  • De constructie van de vloer is erop gericht urine en water zo snel mogelijk af te voeren.
  • Het vloeroppervlakte is stroef, zodat je paard niet makkelijk uitglijdt.
  • De drink- en voerbak plaats je op borsthoogte, zo ver mogelijk van de voerbak vandaan om vervuiling zoveel mogelijk te voorkomen.
  • Om vastzitten van lichaamsdelen te voorkomen wordt aanbevolen dat de afstand tussen verticaal geplaatste tralies niet meer dan 5 cm is en tussen horizontaal geplaatste tralies niet meer dan 17 cm.
  • De optimale relatieve luchtvochtigheid bedraagt 60 tot 70%.
  • Tocht in stallen moet voorkomen worden.
  • Hoe hoger het plafond, hoe beter. Bij een hoger plafond is er minder risico op verwonding en vindt er meer luchtcirculatie plaats.

Controleer de box regelmatig op eventuele uitstekende delen waaraan

het paard zich zou kunnen bezeren.

 

 

In een lage stal is minder luchtcirculatie en kan een paard zich sneller stoten.

 

 

Controleer regelmatig op scherpe randjes.

Ook een paard op stal moet zoveel mogelijk zijn natuurlijk gedrag kunnen vertonen. Het zien van een ander paard is een vereiste, daarnaast staat een stalmaatje dat hij kan aanraken helemaal boven aan het wensenlijstje van je viervoeter. Kies indien mogelijk voor een stal waarvan ramen en deuren (deels) open kunnen. Zorg dat je paard voldoende ruwvoer heeft, zodat hij nooit langer dan vier tot zes uur zonder staat. Ook kun je een klein deel van het hooi van je paard in een slowfeeder doen, zodat hij er langer plezier van heeft. Zorg ook dat er voldoende frisse lucht in de stal komt.

Bronnen:

Hieronder zijn de bronnen te bekijken, indien auteursrechtelijk mogelijk, die voor dit artikel zijn gebruikt.